LP van de maand

Bluesliefhebber en bestuurslid Willem van de Kraats trekt al jarenlang elke zondagochtend een LP uit zijn grote collectie vinyl, gaat er lekker voor zitten met een kopje koffie en geniet van de blues. Dat zondagse ritueel bracht ons op het idee om dit maandelijks op grotere schaal te gaan doen. Bluesliefhebbers kiezen hun favoriete LP, schrijven er hun persoonlijke herinneringen bij en mailen die naar lpvandemaand@bluesinwijk.nl.  Willem en Jos du Floo vormen samen een jury en kiezen de leukste inzending eruit. We publiceren die keus op onze website, delen het op social media en Jos draait een maand lang elke zondag een nummer van de LP in zijn bluesprogramma ‘Highstreet Jazz&Blues’ op Regio90FMDe eerste LP van de maand werd zondag 4 oktober bekend gemaakt door Jos.  Hieronder kunnen alle verkozen LP’s en de verhalen worden teruggelezen en ontstaat de komende jaren een mooi archief van prachtige bluesLP’s. 

januari 2022

Mijn kennismaking met The Blues begon voor mij rond 10-jarige leeftijd. Mijn vader maakte in de jaren ’70 met zijn bandrecorder opnamen van het Belgische radioprogramma “Boom Boom”. De hele week werden deze opnamen gedraaid en als ik thuis kwam van school dan schalden er bij huize Brocken indringende klanken door de kamer. Vooral het nummer “Mad Man Blues” van John Lee Hooker trof mij direct in mijn ziel. Wat was dit voor mysterieuze muziek, wat bedoelde die man, waarom klonk het zo direct, intens en bij vlagen soms gevaarlijk? Dat stampen op de vloer, de rauwe gitaar, die donkere stem… Veel later zou deze vroege muzikale ervaring mij vormen als mens, als musicus en als Bluesliefhebber. Ik begon me gaandeweg steeds meer te verdiepen in deze muziekstijl en deed de ene na de andere prachtige ontdekking. Muziek van soms wel meer dan 75 jaar oud. Ik struinde tweedehands markten en platenzaken af op zoek naar toen nog zeldzame vondsten. Muddy Waters – Folk Singer was zo’n vondst. Tijdens mijn zoektocht (ik moet een jaar of 21 geweest zijn) kwam ik deze LP tegen in een oud en aftands ogend platenzaakje ergens in de buurt van de Amsterdamse Jordaan. Eén blik op de hoes en ik wist meteen dat ik deze LP moest kopen. Ik hoefde er niet eens naar te luisteren. Ik rekende 12 Gulden af en spoedde mij naar huis. Wanneer je het eerste nummer “My Home Is In The Delta” draait dan zet dit meteen de toon voor de gehele langspeler. Negen tracks, pure Delta Blues en vroege Chicago stijl. Gestript van poespas, volledig akoestisch gespeeld en teruggebracht naar de essentie van The Blues. Niets meer, niets minder. In de meeste nummers wordt Muddy bijgestaan door drummer Clifton James en uiteraard bassist Willie Dixon. Op een aantal tracks speelt ook Buddy Guy mee op akoestische gitaar. Je zou gerust kunnen stellen dat de grootsten der aarde hier geregistreerd werden in een parel van een akoestische Blues productie. Muddy Waters is in zijn allerbeste doen, zijn stem klinkt als een klok en zijn gitaarspel, zowel fingerstyle als slide is accuraat en to-the-point fris. De productie, opgenomen in 1964, klinkt warm, open en ruimtelijk.  Veel nummers herkennen we van eerdere elektrische opnamen van Muddy Waters; zoals het hier zo mooi ingetogen gespeelde “Long Distance”, het felle “You Gonna Need My Help” en het door Muddy solo gespeelde, authentieke “Feel Like Going Home”, afgeleid van het nummer “Country Blues”; het allereerste nummer dat Muddy ooit opnam toen hij nog in de Delta woonde op de plantage van Stovall in de omgeving van Clarksdale MS. Bijzonder is ook het nummer “My Captain”, klein en ingetogen, met Buddy en Muddy samen op akoestische gitaar. Ik kon niet meer stoppen met luisteren en zelfs als ik niet overdrijf denk ik dat deze LP maandenlang op mijn draaitafel moet hebben gelegen. Naast de opnamesessies van Robert Johnson is deze plaat voor mij leidend geweest in mijn muzikale vorming. De vijf elektrisch gespeelde bonustracks die later werden toegevoegd aan de in 1999 geremasterde, digitale heruitgave op CD, geven het album helaas geen bijzondere meerwaarde. Hoewel het hier uiteraard stuk voor stuk gaat om prachtige, zeldzame opnamen van Muddy Waters, sluiten ze niet echt aan bij de originele sfeer en het minimalistische karakter van de intieme akoestische LP. Ondanks dat raad ik iedere muziekliefhebber dit album van harte aan: verplichte kost!
Big Bo Brocken

december 2021

Een LP waar ik echt blij van word. Wat me daarin het meest treft is de muziek en de hoorbare invloeden van de artiesten. Een album van  Howlin’ Wolf uitgebracht in 1971 op Chess Records en op Rolling Stones Records in Groot-Brittannië. Het was een van de eerste super sessie blues albums, waarop een blues meester zich tussen beroemde muzikanten van de tweede generatie rock and roll bevond, in dit geval Eric Clapton, Steve Winwood, Charlie Watts en Bill Wyman. Backstage in het Fillmore Auditorium, na een concert van de Paul Butterfield Blues Band, Electric Flag en Cream, zag de producer van Chess Records, Norman Dayron, de gitaristen van de laatste twee bands, Mike Bloomfield en Eric Clapton, praten en grappen maken. Dayron benaderde Clapton en vroeg in een impuls “hoe zou je een album willen maken met Howlin’ Wolf?” Nadat hij had bevestigd dat het aanbod legitiem was, stemde Clapton ermee in en Dayron organiseerde sessies in Londen via de Chess-organisatie om af te stemmen met het schema van Clapton. Clapton verzekerde de deelname van de ritmesectie van de Rolling Stones (pianist Ian Stewart, bassist Bill Wyman en drummer Charlie Watts), terwijl Dayron nog meer muzikanten verzamelde, waaronder het 19-jarige wonderkind Jeffrey Carp, die in 1973 op 24-jarige leeftijd stierf. Aanvankelijk wilde Marshall Chess niet de kosten betalen voor vluchten en accommodatie om Wolfs lang dienende gitarist Hubert Sumlin naar Engeland te sturen, maar een ultimatum van Clapton verplichtte zijn aanwezigheid. Sessies vonden plaats tussen 2 mei en 7 mei 1970 in Olympic Studios. Op de eerste dag, 2 mei, waren Watts en Wyman niet beschikbaar en werd er gebeld voor onmiddellijke vervanging. Velen kwamen opdagen, maar vanaf die dag werden alleen opnames met Klaus Voormann en Ringo Starr uitgebracht. In de eerste albumcredits wordt Starr vermeld als “Richie”, aangezien Dayron de indruk had dat, omdat hij een Beatle was, zijn naam niet rechtstreeks kon worden gebruikt. Verdere overdubbing vond plaats in de Chess studio’s in Chicago met Chess stamgasten Lafayette Leake op piano en Phil Upchurch op bas, en blazers Jordan Sandke, Dennis Lansing, en Joe Miller van de 43rd Street Snipers, Carp’s band. Ex-Blind Faith toetsenist Steve Winwood, op tournee in de Verenigde Staten, droeg ook bij aan de overdubsessies. Hoewel hij eigenlijk maar op vijf nummers van het originele album speelt, staat zijn naam op de hoes onder The Wolf’s, samen met Clapton, Wyman en Watts.
Richard Quartel

november 2021

Een van de eerste LP’s die ik in bezit had, was van Elmore James. Ik was toen 11 of 12 jaar en speelde al een jaar of 4 gitaar en vond het toen niet zo spannend. Later toen ik Fleetwood Mac, Hendrix, SRV, Allman Brothers, Mayall en andere groten hoorde, begreep ik dat dat de basis was voor de muziek zoals die zich toen ontwikkelde. De LP heb ik niet meer, er was een vriend van mij die er helemaal bezeten van was en verzamelde alles van E.J.  Je kon aan de opnames horen dat de heren live speelden en naarmate de opnames vorderden en ook de inname van waarschijnlijk Whisky, de muzikale creativiteit bevorderde. Dust my blues: een standaard blues die door de slide zo binnenkomt. Beetje vals hier en daar maar prachtig, de zang staat als een huis net als een piano; Sunnyland: een apart ritme neemt je mee op reis, hier en daar herken ik Hendrix in deze song; Mean and evil: heerlijk om mee te deinen op de groove, de vroege Stones hebben dit vast beluisterd; Dark and dreary: de partijen voor de blazers zijn geweldig, de gitaar solo is top; Standing at the crossroads: de sax en de bas steunen elkaar, met zo’n combi krijg je elke zaal overeind; Happy home: lekker mee stampen; No love in my heart for you: met Basic Station hebben we Straight Walking manopgenomen, live zoals song op onze cd’s. Ik weet nu waar ik het vandaan heb; Blues before sunrise: wat een stem en bezieling; I was a fool: Chuc komt hierlangs wandelen, lekker stevig; Goodbye baby: hier hoor ik heel erg Fleetwood Mac voorbijkomen, koortje, piano antwoord, solo, prachtig. Deze songs zijn dierbaar omdat het swingt, wringt en vertelt. Ik hoop echt met Basic Station de helft van dat niveau te halen.
Wim Schriekenberg

oktober 2021

Gebouw-T is de pop tempel van Bergen op Zoom waar veel artiesten uit binnen en buitenland graag een optreden verzorgen. Ook is dit de leerschool voor jonge geluidstechnici waar ze het vak leren. Enkele jaren geleden kwam John Mayall naar Bergen op Zoom voor een optreden.  Ik had mijn zwager Willem hier over verteld en hij had wel interesse om naar dit optreden te komen. Het was ook een schitterend optreden. Wat een power heeft deze man. De passie straalde er vanaf. Samen met de band achter hem werd het een geweldige blues avond. Willem en ik gaan ook graag naar de platenzaak De Waterput waar we tussen de 2e hands vinyl pareltjes hopen te vinden. Daar kwam ik laatst de dubbel lp tegen over John Maylall en zijn band The BluesBreakers. Hier staan nummers op die hij speelde met alle musici die bij hem gespeeld hebben. Zoals Peter Green, John McVie, Mick Taylor. Het is een mooie dubbellaar, die een plekje krijgt in mijn verzameling.
Aloys Stenders

september 2021

Op het einde van mijn lagereschooltijd, toen er eindelijk échte muziek op de radio kwam, waren er al snel twee kampen, je was Beatles óf Stones fan.  Ik behoorde tot die laatste groep hoewel ik ook niet vies was van wat ‘schreeuwend twisten’ op z’n tijd. Heel wat gave bands die lekkere rock-’n-roll speelden maar…, geen geld om al die platen te kopen. Oplossing was een goede Akai bandrecorder met Glas-Ferriet koppen, sleten niet en molden dus ook je tapes niet! Overal werden platen geruild, geleend, en opnames gedeeld. Op een gegeven moment ontdekten we het programma “Superclean Dreammachine” van Piet Velleman op de radio, de nieuwste platen uit de VS, veel Underground etc. In de vriendenkring hadden er drie een bandrecorder en al snel was de afspraak dat eenieder die thuis was het programma integraal opnam zodat er niets verloren ging en we er later de pareltjes uit konden vissen. En toen gebeurde het, Velleman draaide Voodoo Child! Electric Ladyland, die plaat moest ik hebben natuurlijk. Ik was al fan van Jimi’s werk, maar dit was anders, lange nummers, ruig, maar ook gevoelig, niet gemaakt om ff snel een hit te scoren of te laten zien hoe virtuoos je wel bent. Minimaal drie ritme en/of stemming wisselingen per nummer en rustig de lulligste bassolo uit de popmuziek spelen als de stemming er om vraagt. (1983… A Merman I Should Turn to Be) De krijsende meeuwen op het strand, de gierende vlammen (House Burning Down), het muzikaal gebruiken van het Wah pedaal en stereo effecten. (De solo in -Come On- die plots in tegenfase gaat zodat het wijds klinkt in stereo, maar er op een mono radio niets van over blijft.) Jan B., een maat van school, kreeg hem voor z’n verjaardag, kompleet met dames op de hoes! Nu een collectors item, ik hoop dat’ie hem nog heeft. Grijs gedraaid heb ik hem, voor zover je dat van een band kan zeggen natuurlijk. Later, toen ik voor m’n werk veel in de auto onderweg was, werd dit één van de twee cassettebandjes die soms weken achtereen in de speler bleef zitten! (Die andere was “Wish You Were Here” van Pink Floyd.) De sprekende gitaar aan het begin van -Still Rainin’ Still Dreamin’- gebruik ik nog steeds als ringtone op m’n mobiel!  “Hello, how are you?”
Bas Spek

augustus 2021

In 2013 leerde ik Dick Verbeek, de toenmalige drummer van Basic Station kennen en daarmee ook de blues. Ik raakte gefascineerd door de blues vooral omdat ik menig keer met hem meeging naar de studio waar de band oefende. Toch was de blues niet helemaal nieuw voor mij. Het album ‘Making Movies’ van de Dire Straits heb ik in het begin van de jaren 80 helemaal grijs gedraaid en is mijn voorliefde voor Mark Knopfler ontstaan. Met het nummer ‘Redbud Tree’ word ik al jaren gewekt als via mijn mobiel de wekker afgaat. ‘Bluebird’, ook een favoriet. Voor mij een waardevol album waar ik heel graag naar luister en heerlijk relaxed van wordt.
Erna Koekoek

juli 2021

Het was op een vrijdagavond, zo’n 39 jaar geleden, dat ik Barrelhouse voor het eerst zag en hoorde spelen. Het was druk tijdens de voorloper van het Bluesfestival Utrecht, maar ik wist al snel vooraan bij het podium te komen. De stem van Tineke, het gitaarwerk van de broers John en Guus dat je gelijk meeneemt, het pianospel van Han, het slagwerk van Bob, Jan Willem op de bas, het maakte iets in me los. En het volgen van de band was geboren. Ik had het geluk om nog voor de Corona-tijd een optreden mee te maken in de Peppel in Zeist. Er was maar 32 man publiek. Maar het was een heerlijke avond en ik ging met een gesigneerd “Almost There” album naar huis. De sleutel voor 45 jaar succesvol met elkaar optreden en toeren door het land is elkaar de ruimte geven. Dan komen de nominaties en prijzen als beloning. Nog in 2020 een Edison Jazz/World op de lijst bij kunnen schrijven. Dan wordt de titel “Almost There “realiteit, wat je aan het zoeken bent kan ook vlak om de hoek te vinden zijn.
Paul Copier

juni 2021

Op de middelbare school zat ik duidelijk in het kamp van de Rolling Stones.  Maar toen kwam in 1970 Get yer Ya-Ya-s out uit met een liveoptreden met nummers als Love in vain en Midnight Rambler.  Helemaal te gek. Vooral Midnight Rambler was wel 9 minuten lang. In die tijd studeerde ik aan de universiteit Delft en woonde als student op kamer met een grammofoon en een koptelefoon.  Deze LP heb ik jarenlang helemaal grijs gedraaid. Door de koptelefoon kon ik het geluid flink hard zetten en mee tikken met mijn vingers op mijn bureau en meezingen. Ik was dan helemaal in trance van de muziek en tegelijkertijd kon ik dan de meest ingewikkelde wiskundige zaken oplossen.  Muziek en studeren ging dan tegelijkertijd.  Ik sta er nog steeds verbaasd over dat ik dat kon, twee dingen tegelijkertijd. En of de buren gelukkig waren met alleen mijn zingen, betwijfel ik.
Rob Neleman

mei 2021

In de jaren zestig luisterde ik veel naar bandjes uit Engeland en Amerika. In Nederland had Rob Hoeke zijn eerste plaat ‘Boogie Hoogie’ met zijn Philicorda-orgel op het Philips label uitgebracht. In mijn toen nog bescheiden platenkast stond al het ‘Beano’ album van John Mayall. Ooit zou ik bijna al zijn officiële albums op de plank hebben. Het zijn er inmiddels 66. Op de middelbare school was er eens in de maand onder leiding van een muziekleraar in het muzieklokaal gelegenheid om meegenomen platen te draaien. Soms vernieuwend maar altijd verfrissend en af en toe aanleiding om bij platenzaak Van Boxtel in Helmond voor fl 18,50 zelf een elpee aan te schaffen. Op een keer kwam er in dat lokaal een geluid uit de speakers dat dezelfde sensatie te weeg bracht als toen ik ‘A Whiter Shade Of Pale’ en ‘Sultans Of Swing’ voor het eerst hoorde: ‘Foxy Lady’ de eerste track van de elpee ‘Are You Experienced’. Dit was het debuut album van Jimi Hendrix uit juni 1967, een Amerikaanse gitarist die een half jaar eerder al grote indruk had gemaakt met de single ‘Hey Joe’. Door de voormalige bassist van The Animals, Chas Chandler overgehaald om naar Engeland te komen en een legende sindsdien. Nog steeds draai ik deze plaat, met alleen maar sterke nummers zoals het bluesy ‘Red House’ en het jazzy ‘Third Stone From The Sun’, waarmee de aarde bedoeld wordt. Kippenvel muziek, dat blijft het. Grappig detail is dat Eric Burdon op de elpee ‘Winds Of Change’ met het nummer ‘Yes I Am Experienced’ antwoord heeft gegeven op de vraag van Hendrix.
Gerrit Dijk

april 2021

Mijn favoriete album is ‘Colosseum Live’ uit … van de band Colosseum. Lekkere rauwe zang, maar tegelijkertijd ook met instrumentale juweeltjes van solo’s op gitaar en keyboards. Daarnaast vind ik het, zeker voor een album van ruim veertig jaar oud, kwalitatief ongewoon goed voor die tijd. Vooral het nummer “Lost Angeles” vind ik geweldig (maar is wel bijna 20 minuten…) door de opbouw en gepassioneerde zang. We gingen begin/midden jaren zeventig met een man of drie/vier (we waren een jaar of 17-18) regelmatig naar obscure gelegenheden zoals “De Kruk” in De Meern (nu muziekpodium Azotod) en een enkele keer naar werfkelder Sarasani in Utrecht om in donkere hoekjes gezamenlijk lichtjes stoned te worden, want veel geld om te blowen hadden we niet; het bier deed de rest…. Vooral Karel (die ook ontzettend goed tekende) kon geweldige joints maken waar we wel een tijdje mee zoet waren! De langere nummers werden later op de avond vaak gedraaid en bijvoorbeeld “Lost Angeles” ging er dan in als koek en natuurlijk ook veel werk van bands als Frank Zappa, Soft Machine, Iron Butterfly, Rare Earth, The Doors enz. enz. Een geweldige tijd, waarin nog écht goede muziek gemaakt werd.
Nico Biersteker